Opname en afbraak van alcohol in het lichaam

Ga direct naar achtergrondinformatie


Opname en afbraak van alcohol in het lichaam wordt gedaan door de maag, darmen en lever. Alcohol wordt vanuit de maag en darmen opgenomen in het bloed. Hoe snel dat gebeurt, hangt onder meer af van de aanwezigheid van voedsel in de maag. Ook het alcoholpercentage is van invloed. De lever zorgt voor afbraak van alcohol en heeft daarvoor circa anderhalf uur per standaardglas nodig.

Opname van alcohol in het lichaam

Alcohol wordt via de maag en het darmkanaal opgenomen in het bloed. Zo’n 20% wordt opgenomen via de maag en 80% via de dunne darm. Via de poortader gaat de alcohol van de maag en de dunne darm naar de lever. 

Snelheid van opname alcohol

De snelheid waarmee alcohol wordt opgenomen is onder andere afhankelijk van:

  • het drinktempo,
  • de maagvulling,
  • de mate van activiteit van het maag- darmkanaal.

In de maag heeft de aanwezigheid van voedsel een vertragende werking op de opname van alcohol in het bloed. Ook de sterkte van de drank is van invloed. Alcoholhoudende dranken met een alcoholpercentage van zo’n 20% worden het snelst via de maag- en darmwand opgenomen in het bloed. Hogere concentraties alcohol hebben een remmende invloed op de opnamesnelheid [1].

Verspreiding van alcohol door het bloed

De snelheid waarmee het bloed de alcohol over de verschillende delen van het lichaam verspreidt is vooral afhankelijk van de mate van doorbloeding. Het promillage alcohol in het bloed hangt af van de hoeveelheid lichaamsvocht waarover de alcohol in het lichaam wordt verdeeld. De hoeveelheid lichaamsvocht is afhankelijk van iemands postuur, botstructuur en vetgehalte. Zo geeft het Voedingscentrum bijvoorbeeld aan dat mannen gemiddeld 11% meer lichaamsvocht hebben dan vrouwen (mannen 65% versus vrouwen 52%).

Afbraak van alcohol in het lichaam

Na opname in het lichaam wordt zowel in de darmwand als in de lever direct een deel van de alcohol afgebroken, ook wel ‘first-pass-effect’ genoemd. De lever kan niet alle alcohol in een keer afbreken en omdat de lever ook geen alcohol kan opslaan wordt de rest van de alcohol via het bloed over het lichaamsvocht verdeeld. Beetje bij beetje wordt de alcohol vervolgens afgebroken.

De afbraak van alcohol in het lichaam gebeurt volgens een aantal algemene principes [2]:

  • Ongeveer 90% wordt actief afgebroken in het lichaam.
  • Het grootste deel van dit afbraakproces vindt plaats in de lever (in de maag en darmwand vindt ook een deel van de afbraak al plaats).
  • Alcohol kan niet worden opgeslagen in de lever.
  • De afbraak van alcohol in de lever gebeurt in een constant tempo. afhankelijk van de fysiologische condities van de levercel.
  • Minder dan 10% van de alcohol verlaat het lichaam via de adem, zweet of urine.

Van ethanol naar acetaat

De afbraak van alcohol in de lever gebeurt grofweg in twee stappen waarbij diverse enzymen betrokken zijn:

  1. Alcohol (ethanol) wordt met behulp van het enzym alcoholdehydrogenase (ADH) als eerste omgezet in aceetaldehyde. Het afbraakproduct aceetaldehyde is zeer giftig voor het lichaam en is een van de mogelijke oorzaken voor het kankerverwekkende (carcinogene) effect van alcohol.
  2. Vervolgens wordt de aceetaldehyde omgezet in acetaat. Ook voor deze tweede stap is een enzym nodig: aldehyde-dehydrogenase (ALDH). Acetaat komt in de bloedbaan en wordt vervolgens omgezet in CO2 en water of wordt omgezet tot bepaalde vetzuren, ketonenlichamen of cholesterol [2].

Snelheid van afbraak alcohol door de lever

De snelheid waarmee alcohol wordt afgebroken door de lever hangt met name af van enzymen in de lever. De afbraaksnelheid varieert van ongeveer 0,1 tot ca. 0,25‰ (promille) per uur, onafhankelijk van geslacht of gewicht. Bij gewoontedrinkers en alcoholisten is de afbraaksnelheid meestal hoger dan bij incidentele drinkers.

De afbraak van één standaardglas alcohol door de lever duurt ongeveer anderhalf uur. Dat betekent dat een hoeveelheid van meer dan zes drankjes, geconsumeerd tussen 23.00 en 2.00 uur, bij het opstaan om 7.00 uur nog niet geheel uit het lichaam is verdwenen. De afbraaksnelheid van alcohol is constant, en versnelt niet door bijvoorbeeld slaap. Wel kan het afbraaksysteem bij snelle alcoholinname overbelast raken waardoor afvalstoffen zich ophopen resulterend in een kater [3].

Standaardglas alcohol

Een eenheid alcohol is de term voor één standaardglas alcohol en bevat ongeveer 10 gram ethanol. Bij het gebruik van standaardglazen bevat één glas bier, wijn of sterke drank evenveel alcohol.

In de praktijk wordt er echter vaak meer in een glas geschonken en is er geen sprake van ‘standaardglas’. Elke soort alcoholhoudende drank heeft zijn eigen standaardglas. Op deze manier bevat een standaardglas bier van 5% (250cc), wijn van 12% (100cc) en sterke drank van 35% (35cc) allemaal evenveel pure alcohol (circa 10 gram).

Dus wanneer je elk drankje uit het daarvoor bestemde glas drinkt, weet je hoeveel alcohol je binnen krijgt.


Gerelateerde pagina's

Nieuws

Referenties

  1. Paton, A. (2005). Alcohol in the body, BMJ 330;85-87.
  2. Cederbaum, A. (2012). Alcohol Metabolism. Clin Liver Dis.16(4): 667–685.
  3. Laar, M.W. van, (2017). Nationale Drugs Monitor Jaarbericht 2017, Utrecht: Trimbos-instituut.

Laatst gewijzigd: donderdag 22 november 2018 11:36